De stemming van de Tweelingen.
Zon: Erschlieβe dich, Sonnensein, Ontsluit je zelf, o zonnezijn,
Venus: Bewege den Ruhetrieb, beweeg de drang tot rusten,
Mercurius:Umschlieβe die Strebelust omsluit de lust tot streven
Mars: Zu mächtigem Lebewalten, tot machtig heersend leven,
Jupiter: Zu seligem Weltbegreifen, tot zalig wereld-begrijpen,
Saturnus:Zu fruchtendem Werdereifen,tot vruchtbaar wordingsrijpen
Maan: O Sonnensein,verharre! “ O,zonnezijn, duur voort!
De harmonie van het wereldal zou verstoord worden, als de wereldkrachten die van de afzonderlijke sterrenbeelden van de dierenriem uitstralen, éénzijdig werkzaam waren. Ook de mens mag de krachten van slechts één sterrenbeeld niet op eenzijdige wijze willen uitleven. Zou een mens zich enkel door zijn Stiernatuur laten beheersen, dan zou dit slechts onvolkomen beantwoorden aan het ware beeld van de mens. Want dit berust op de samenklank van alle wereldkrachten.
Nu bestaat het wonderbare in de twaalf stemmingen, dat tot de impulsen , die van een sterrenbeeld uitgaan, steeds ook de tegenpool ter sprake komt, waardoor de eenzijdigheid opgeheven is en de harmonie reeds binnen hetzelfde sterrenbeeld gewaarborgd is. Het respect voor dit therapeutisch principe in de twaalf stemmingen kan wezenlijk tot het begrip hiervan bijdragen. En het is niet minder verbazend, dat ook in de klank hetzelfde gegeven zich voordoet, dat ook zijn wezensbeeld tegenovergestelde richtingen omvat, de richting naar boven en in de wijdte zoals ook de richting naar onder en naar binnen.
Het meest indringend kan dit harmoniserend principe beleefd worden bij de beschouwing van het sterrenteken Tweelingen en van de
H-klank, die behoort tot de Tweelingen.
Welke sterrenkrachten zijn het , die van de Tweelingen uitstralend tot werking komen? Wanneer de zon in het teken Tweelingen staat, bereikt zij haar hoogste stand. Het is de hoge tijd van het jaar, van vollledige uitdeining, vol machtige mogelijkheden van ontplooïing.”Bekwaam tot de daad” heet het dierenriemgebaar der Tweelingen. Bij deze rijkdom aan mogelijkheden, die in de tijd van de Tweelingen erop wacht open te breken, geldt het: te besluiten, tot ontvouwing te brengen.
Zo luidt het Zonne-deel van de stemming :
Erschlieβe dich,Sonnensein. Ontsluit je zelf, o zonnezijn,
Met dezelfde betekenis klinkt de roep van het Venus-deel :
Bewege den Ruhetrieb. beweeg de drang tot rusten,
Maar die lust tot streven moet zich niet naar het onmogelijke toewenden. Ze mag zich niet in hybris, in grenzenloze overschatting van licht ontvlambare begeestering te veel naar de hoogte verheffen. Ze mag ons niet als Euphorion in Goethe’s Faust naar het noodlot van Ikarus, de val in de diepte, doen snellen.
Umschlieβe die Strebelust, omsluit de lust tot streven
maant daarom het Mercurius-deel, een maning, die voor de Stier,die zo vast op de aarde staat, overbodig zou zijn. Bij de Tweelingen echter is de verleiding,de grond van de werkelijkheid te verliezen en zich in luchtige hoogten te verheffen, buitengewoon groot. Tweelingen is het sterrenbeeld van Lucifer, zoals Schorpioen het sterrenbeeld is van Ahriman.
De sterke verbinding met de hoogte is een wezenlijk kenmerk van de Tweelingen. Naar de hoogte wijst ook het gebaar van de H. Je ontmoet dit belangrijk motief van de H in woorden als : zich verheffen, hoog, Gr.hypselos (hoog), hemel, huppelen, hijsen, heuvel, Eng.hill, Fins huipp (top )
Hoogte en licht zijn verwante begrippen. Zo vind je de H ook als uitdrukking van het licht als in : helder, hilarisch, Gr. helios, Jap. hi ,die beide ‘zon ‘ betekenen.
Het motief van de hoogte verschijnt ook in het kosmische ritme van het Markusevangelie onder het teken van de Tweelingen. De aardse berghoogte staat in relatie tot de hoogten van de geest.Zij is beeld voor de hogere ontwikkeling van de zielenkrachten van de jongeren.
Tenslotte hoort de wereldbeschouwing die met de Tweelingen samenhangt, bij het mathematisme, bij geesteshoogte en helderheid van het licht en bij een bovenaardse zuiverheid, als men ze beleeft in de zin van Novalis’ uitspraak : het leven van de goden is mathematica.
Maar deze drang naar de hoogte bergt het gevaar in zich, dat de mens vervreemdt van de aarde,dat hij zijn aardse opgaven ontrouw wordt. Wat kan tegenover zo’n luciferische vervoering ingebracht worden? Rudolf Steiner geeft aan dat het dierenriemgebaar van de Tweelingen onthult hetgeen helend werkt : als je met gespreide benen vast op de aarde staat en de armen daarbij kruist. Bij jezelf zijn, in gespannen bereidheid tot de daad en stevig op de grond staan wordt daarmee uitgedrukt . Dit zijn de heilzame tegenkrachten tegen de lokroep der hoogte.
Beide, beheersing en de relatie tot het aarde-vaste, zijn eigenschappen die in het H-gebaar sterk uitgedrukt zijn. Zij verhouden zich polair tot de wegstrevende, vluchtige tendens van deze klank. De talen maken veel vaker gebruik van dit bij- zich- zelf blijvende gebaar van de H dan van het voortstuwende gebaar. Er zijn in verhouding weinig woorden , waarin de H als uitdrukking van een vluchtige beweging optreedt zoals bv. in haasten , Eng.hurry en Fins hoppu die allebei haasten beteken ,het Chin. woord hu (plotseling). Woordvormen met het vasthoudend gebaar van de H kom je echter vaker tegen in alle talen ,die de H kennen,ook reeds in de oudste.
Zo in : halt, houden, in het Grieks haptomai, huis, hemd, hulsel ,Gr. himation (mantel);
Als uitdrukking van het aarde-vaste verschijnt de H eveneens : hoorn, hout , hard, hars; Gr.: hyle(materie); Lat. : humus (aarde ).
Deze aardende tendens, die als tegenpool van het zich vervluchtigende een breed spectrum inneemt in het beeld van de H- klank, kenmerkt de stemming in het volgende deel :
Zu mächtigem Lebewalten, tot machtig heersend leven
heet het in de wilskrachtige Marsstemming : de hooggespannen vermogens niet in luchtige hoogten laten vervliegen, maar ze , bij zich houdend, in dienst stellen van het leven.
Het volgende deel, waarin de wijsheidsstemming van Jupiter spreekt, verwijst ons opnieuw naar de aarde. Immers, de kennis om de wereld te begrijpen kunnen we slechts op aarde verwerven.
Zu seligem Weltbegreifen, tot zalig wereld-begrijpen
In de geestinnigheid van Saturnus klinkt dan :
Zu fruchtendem Werdereifen tot vruchtbaar wordings-rijpen
Om zich verder te ontwikkelen, om te rijpen, is de mens op aarde geplaatst, omdat hij alleen maar hier op aarde naar zelfstandigheid en vrijheid groeien kan. Zo luidt de maning van alle drie delen de aarde trouw te blijven omwille van het hoge mensenheidsdoel. Hiertoe is de voortdurende kracht van de geestelijke zon nodig.Daarom luidt in de stemming van Luna:
O Sonnesein,verharre o Zonnezijn, duur voort!
De geestzon is ook nog om een andere reden nodig. Zoals reeds uit de naam van dit sterrenbeeld naar voor komt, is voor zijn wezen de tweeheid kenschetsend, die zich in een scherpe polariteit, in de spanning tussen hemelhoogten en aardevastheid uitwerkt. Maar die tweeheid is zelf op haar beurt weer polair. Ze kan het hoogste zijn in vriendschap, in de liefde:het vriendenpaar Castor en Pollux werd juist omwille van hun wederzijdse trouw als sterrenbeeldTweelingen aan de hemel gezet. De tweeheid kan ook oorzaak zijn van vertwijfeling, van twist van tweedracht.
Ook in het wezensbeeld van de H-klank spiegelt zich de polariteit van goed en kwaad,van liefde en haat.Woorden als : haat ,hoon, heks, hoer , hel ,Fins huono (kwaad)en häijy(kwaad) staan tegenover woorden als : heilig, Grieks: hagios,(heilig) hieros(heilig), held – Fins hyvä(goed) , Cin. hao (liefde).
Met de tweeheid is nog een geheim verbonden,de symmetrie .Die symmetrie is ook weer enkel vanuit het spirituele te begrijpen. Ze ontstaat,wanneer bij de harmonische deling, het uiterlijke deelpunt in oneindige verten ligt.
Voor de menselijke gestalte zijn het de schouders en alszodanig alle symmetrieverhoudingen,die met het sterrenteken van de Tweelingen te maken hebben. Welke betekenis heeft die symmetrie voor de mens, het feit dat we twee schouders, twee ogen, twee armen hebben? Aan de mens is daardoor de mogelijkheid gegeven, in het aanraken van de ene hand met de andere, in het zich kruisen van de beide oogassen, zichzelf te beleven.Dat wij ons eigen ik gewaarworden en ons daardoor uit het omnevelde bewustzijn van het dier kunnen bevrijden, hebben we te danken aan het Tweelingwezen in ons.
Uit” Der Tierkreis .Nach den zwölf Stimmungen von Rudolf Steiner.” M. Aschenbrenner
Vertaling: Eliane Schuytjens
0 reacties so far ↓
There are no comments yet...Kick things off by filling out the form below.